Getuigenis van een Alblasserdamse pastor

Getuigenis van een Alblasserdamse pastor

Uit de pastorie

De Gereformeerde Bijbelstichting

Afgelopen zondag ging het onder meer over de opwekking van de apostel Paulus: “Zo dan, mijn geliefde broeders, zijt standvastig…” (1 Kor. 15:58). Het woord “standvastig” deed me een ogenblik denken aan de naam van het blad dat door de GBS wordt uitgegeven. Ik heb toen beloofd daar nader op in te gaan in onze kerkbode. Eigenlijk was ik dat al langer van plan, vooral toen ik van de GBS-vertegenwoordiger in onze gemeente hoorde dat er erg weinig leden lid zijn van de deze organisatie en dat ook het aantal donateurs terugloopt.

Statenvertaling en Bijbelverspreiding

Mocht u de indruk hebben dat het bij de GBS gaat om een paar oudere mannen die bezig zijn met wat stoffige dingen, dan moet u maar eens de informatiemap aanvragen die de GBS o.a. voor jonge mensen beschikbaar stelt (we zijn er momenteel ook mee bezig op de belijdeniscatechisatie). De Statenvertaling sluit nauw aan bij de grondtalen en – vergeet ook dit punt niet! – zij is gebaseerd op de meest betrouwbare handschriften van de Bijbel. De GBS wil dan ook graag zich inzet voor het behoud van deze klassieke vertaling, en dat in een tijd waarin allerlei nieuwe vertalingen de markt overspoelen. Daarnaast is de GBS – in samenwerking met de Trinitarian Bible Society (TBS) in Engeland ook bezig met het verspreiden van Bijbels in andere talen in een betrouwbare vertaling. Velen zijn hier niet van op de hoogte, daarom wil ik dit graag benadrukken in dit stukje.

Een brief uit Afrika

Als lid van het Deputaatschap Bijbelverspreiding weet ik hoe de GBS ieder jaar 10.000 Engelse Bijbels ter beschikking stelt voor ons werk in Ghana. Daarnaast gaan er ook veel Bijbels naar de middelbare school van onze kerk in Nigeria. Maar ook uit andere delen van dit grote land komen bemoedigende berichten binnen. Zo ontving de GBS niet lang gelden de volgende brief van een christen uit Nigeria: “Ik had nog geen Bijbel. Nu lees ik er dagelijks in en ben ik de gelukkigste persoon. Ik bid God of Hij uw werk wil zegenen.”

Kanttekeningen en inleidingen

En dan is er nog een punt. Zouden wij de Statenvertaling kwijtraken, dan raken we ook de kanttekeningen kwijt. En het zijn juist die kanttekeningen waarin zoveel onderwijs ligt. Onderwijs, als het gaat over de betekenis van de Bijbeltekst (de exegese), over de leer der waarheid (de dogmatiek), over de praktijk van de godzaligheid (de ethiek) en over het genadeleven van Gods kerk (de bevinding). Tegelijk mag de vraag wel worden gesteld of wij dit onderwijs bij onze Statenvertaling ook echt gebruiken. Hoe vaak raadplegen wij de kanttekeningen? Als predikant doe je dat natuurlijk standaard bij de voorbereiding van een preek. Maar heb ik ooit de kanttekeningen helemaal doorgelezen? Wat was ik beschaamd toen Mr. Paul Rowland van de Trinitarian Bible Society mij eens toevertrouwde dat hij de Engelse vertaling van de kanttekeningen tijdens een langdurige ziekteperiode niet minder dan vijf keer had doorgelezen – en dat met grote stichting voor zijn ziel! Mijn vrouw en ik zijn er een poosje geleden ook mee begonnen en ik mag u zeggen: het is vaak het beste uurtje van de dag! Daarbij deden we een bijzondere ontdekking. Niet alleen de kanttekeningen zelf, maar ook de inleiding op de verschillende Bijbelboeken zijn heel leerzaam. De mooiste inleiding die we tot nu toe zijn tegengekomen, is die op de Psalmen. Lees het volgende stukje maar en laat maar horen of ik me sterk heb uitgedrukt.

De daad bij het woord

Maar vergeet u één ding niet: word lid van de GBS, als u dat nog niet bent, en steun dit uiterst belangrijke werk! U kunt dat telefonisch doen via het nummer in Leerdam: 0345 – 610155. Nog makkelijker misschien is het sturen van een mailtje: info@gbs.nl.

Het Boek der Psalmen – een schatkamer

Wat nu volgt is de inleiding of het woord vooraf dat de Statenvertalers hebben geplaatst bij het Bijbelboek dat wij de Psalmen noemen. Het is geschreven in lange zinnen, die ik gewoon heb laten staan. Wel heb ik drie kopjes aangebracht om het geheel wat overzichtelijker te maken. Ook heb ik een paar woorden veranderd (zoals ‘weshalven’) die door niemand meer worden gebruikt en door onze jonge mensen niet meer worden verstaan. Bij een paar woorden heb ik tussen haakjes een synoniem gegeven. Met ds. Smijtegelt zou ik willen zeggen: “Span u een weinig in!” De moeite zal rijkelijk worden beloond!

Rijke inhoud

“Dit boek is onder andere canonieke boeken van het Oude Testament in Gods kerk met recht geacht als een bijzonder kleinood (d.w.z. sieraad), waarvan men de waardigheid en nuttigheid niet genoeg kan overdenken, en nog veel minder met tongen kan uitspreken of met pennen beschrijven. Sommigen noemen het een ‘lusthof’, ‘apotheek’ en ‘trezoor’ of schatkamer van de christenen; anderen een ‘anatomie’ of ‘ontleding van de gelovige zielen’, een ‘spiegel van Gods menigvuldige of ondoorgrondelijke genade’; insgelijks ‘een volkomen sommier’ (d.w.z. samenvatting) of ‘kort begrip van de ganse Bijbel, van de Wet en van het Evangelie, of van Gods ware kennis en dienst’. Want het bevat enerzijds zeer heilzame leringen van Gods Wezen en de Heilige Drievuldigheid, van Gods eigenschappen, eeuwige raad, heilig Woord en werken, in het bijzonder van Zijn barmhartigheid en weldaden aan Zijn kerk, en van Zijn rechtvaardigheid en oordelen over alle goddelozen; voorts van de Persoon en het zaligmakend ambt van de MESSIAS, onze Heere JEZUS CHRISTUS, van Zijn eeuwige Godheid, menswording, lijden en sterven, opstanding, hemelvaart, zitten ter rechterhand van Zijn Vader, en de uitbreiding van Zijn Koninkrijk onder de heidenen door de prediking van het Heilig Evangelie; verder van de zondige staat van de mens, van de aard en de eigenschap van de wedergeboorte, van de ware bekering, en van de liefde en vreze Gods; insgelijks van de natuur van het ware geloof, van het vertrouwen en de roem in God, van de zekerheid der zaligheid, van de strijd van de geest en het vlees; en zo ook van de algemene kerk van de Joden en heidenen, van de kerktucht, van de gemeenschap der heiligen, de vergeving der zonden, de opstanding des vleses en het eeuwige leven.

Allerlei bevinding

“Anderzijds vindt men ook in dit boek allerlei heilige geestelijke oefeningen der godzaligheid, zoals: formulieren of voorschriften van Gods lof en prijs, van dankzeggingen voor ontvangen weldaden, en geloften van dankbaarheid, van zeer vele aandachtige en vurige gebeden tot God, om alles wat zou mogen dienen tot eer van Hem en tot zowel de bijzondere als de algemene welstand van de gelovigen, voornamelijk in allerlei kruis en bekommernis, met zeer heilige meditaties en uitermate lieflijke vertroostingen en versterkingen in geloof, geduld en alle godzaligheid; zodat er geen toestand van enig christenmens zal kunnen bedacht en gevonden worden waarin hij niet uit dit boek naar wens zou kunnen gediend zijn tot bevrediging van zijn consciëntie (d.w.z. geweten) en bevordering van zijn zaligheid. Om deze reden behoort een ieder christen, zowel van hoge als van lage staat, dit boek met bijzondere vlijt en aandacht te lezen en te betrachten, om zich te wennen aan de stijl van de Heilige Geest die daarin gebruikt is; niet twijfelende of het zal hem (wanneer hij het rechte sap en de doordringende kracht daarvan gesmaakt heeft) op zijn ziel wezen als een zeer lieflijke en heilzame hemeldauw, en het zal hem niet verdrieten dit steeds in zijn hart, mond en handen te dragen, waartoe het ons door de Heilige Geest in het Oude, en door onze Heere JEZUS CHRISTUS Zelf in het Nieuwe Testament meermalen is aanbevolen, en door de wijze en goede God aan Zijn kerk is overgeleverd tot meerdere bevalligheid (d.w.z. aangenaamheid), tot dienst (of ondersteuning) van ons geheugen en tot dagelijks gebruik om hieruit te zingen.

Naam, dichters en indeling

De Hebreeën (d.w.z. de Joden) noemen dit boek ‘Tehillim’, of korter ‘Tillim’, dat is, lofzangen of lofprijzingen, omdat een goed deel van de psalmen van die inhoud is. De Griekse vertalers hebben het woord ‘Psalmen’ en ‘Psalter’ gebruikt, een woord dat ook in het Nieuwe Testament en verder bij de Latijnen en andere christelijke naties, alsook bij ons in onze taal behouden is gebleven, hoewel het Griekse woord eigenlijk ziet op gezangen die op muziekinstrumenten – met de vingers geraakt of geslagen – naar de wijze van het Oude Testament, bij de openbare godsdienstoefening in de tabernakel en tempel, ingepast en gezongen werden. In het algemeen worden zij genoemd ‘Davids Psalmen’, omdat David, de man die door een bijzondere gave van de Heilige Geest in psalmdichten uitblonk (zoals verhaald wordt in 2 Sam. 23:1-2), het grootste deel daarvan gemaakt heeft, terwijl de rest door andere profeten en mannen Gods – zoals Mozes, Asaf enz. – is gedicht, en door Ezra na de Babylonische ballingschap (naar men meent) in één boek en in de huidige volgorde, samengebracht is, zonder de tijd te volgen waarin iedere psalm is gemaakt. De Joden verdelen dit boek (dat door de Heere CHRISTUS het ‘Boek der Psalmen’ genoemd wordt, zie Lukas 20:42), in vijf delen of boeken, waarvan het eerste doorloopt tot het eind van de 41ste psalm en afgesloten wordt  met de woorden ‘Amen, ja Amen’, het tweede deel tot het eind van de 72ste psalm, op eendere wijze afgesloten met ‘Amen, ja Amen’ en met de woorden het ‘einde van Davids gebeden’; het derde tot het eind van de 89ste psalm, die ook besloten wordt met ‘Amen, ja Amen’; het vierde tot het eind van de 106ste psalm, waarvan het besluit is ‘Amen, Hallelujah’; en het vijfde tot het eind van de 150ste of laatste psalm, dat eindigt met ‘Hallelujah’.”

Ds. C. Sonnevelt

Bron:

Kerkbode Gereformeerde Gemeente Alblasserdam, week 17 2020

Privacy statement

Welkom op onze site! Wij verzamelen verschillende soorten gegevens om de website zo goed mogelijk te laten aansluiten bij uw behoeftes.

Privacy statement | Sluiten
Instellingen